• Stijn Engelen

'Quara' in Leiden

Dag 1

Vandaag begint mijn avontuur in Leiden. Ik doe mee als proefpersoon in een studie naar een nieuw medicijn, 16 dagen in het onderzoekscentrum zonder het gebouw te mogen verlaten. Het voelt goed om mijn steentje te kunnen bijdragen aan de zoektocht naar een nieuw medicijn. Waar het onderzoek voor is? Iets met witte bloedcellen en het immuunsysteem. Ik verdien er in ieder geval 3.396 euro mee. Maar zoiets doe je niet voor het geld.

De eerste dag moet ik volledig afgesloten leven in een kamertje van 4 bij 4, geen contact met andere organismen. De uitslag van mijn corona test moet eerst binnenkomen. Een assistente neemt bloed bij me af, maar maakt er een zooitje van. Mijn hele arm onder het bloed. Mijn schuld volgens haar: ''Ja, met die tas naast je bed kan ik echt niet mijn werk doen! Die moet echt aan de kant!'' Had ik met alle liefde gedaan schat, als je me even de tijd had gegeven in plaats van die naald in mijn arm te gooien. Niet lang daarna komt de arts, de leider van het onderzoek. Ik schat hem nog geen 30. Lichamelijk onderzoek. In alleen een onderbroek moet ik allerlei opdrachten voltooien. Ogen dicht en mijn neus raken met mijn wijsvingers. Over een denkbeeldige lijn lopen. Zijn wijsvinger volgen met mijn ogen. Geslaagd. Terwijl ik me weer aankleed zegt hij: ''Je hebt echt hele mooie ogen, beetje groen en wat donkerder aan de binnenkant.'' Ik heb wel vaker complimenten gekregen van mannen maar blijf me er toch ongemakkelijk bij voelen. Vooral als je bijna naakt met zijn tweetjes in een klein kamertje staat.

's Avonds krijg ik de uitslag. Negatief. Ik mag naar de onderzoeksafdeling. Daar ga ik uitvinden wie mijn 'roommate' is voor de komende twee weken. Ik volg de assistente en kom op de slaapkamer. Daar ligt hij al. Een beer van een gast, lijkt wel op LeBron James. Ik vind mezelf toch wel redelijk ontwikkeld qua lichaam, maar vergeleken met deze gozer ben ik een jochie die nog aan zijn puberteit moet beginnen. De arts a.k.a. mijn nieuwe vriendje legt ons uit wat er morgen op het programma staat. Er worden twee canules geplaatst, één in elke arm. Eentje om de hele dag bloed te tappen (in plaats van 10x per dag in je arm te prikken) en eentje voor het infuus waarmee het medicijn wordt toegediend. Een zware dag dus. Snel slapen.


Dag 2

Saaie dag wat betreft belevingen. Veel in bed gelegen met de laptop op schoot. Gisteren begonnen aan de serie Undercover, vandaag al bijna afgekeken. In het normale leven lieg je hierover tegen je medemens. Nu vertel ik het vol trots aan mijn vriendin. De jongen die naast mij op de kamer ligt heet Fabio en is Personal Trainer. Die paar keer op een dag dat we met elkaar praten is het allemaal wel prima, maar dikke vrienden zijn we niet geworden. Misschien kan ik de komende dagen een doorbraak forceren. Op het einde van de dag komt er een assistente de canules verwijderen na het afnemen van nog wat bloed. Mooie madame. Zij is normaal een van de betere 'bloedafnemers', maar vandaag is ze niet in vorm. Met een flirtend lachje zegt ze: ''Ik heb nog nooit zo'n slechte afname gehad, maar ik was ook een beetje afgeleid.'' Na de homo-arts van dag 1 wordt er opnieuw met me geflirt. Ik app snel mijn vriendin om toekomstige conflicten te voorkomen.


Dag 3

Het is zaterdag. Weekend. Er zijn nauwelijks assistenten aanwezig en Fabio en ik zijn de enigen op de afdeling. 20 bedden en 2 proefpersonen. Dooie boel hier. Vandaag heb ik mijn tandpasta uitgeleend aan Fabio, wellicht dat dit het begin gaat zijn van een vruchtbare relatie. Ik merk dat ik uiterst bereikbaar ben, elk appje wordt binnen enkele seconden beantwoord. Mijn familie en vrienden zijn nog nooit zo blij geweest met mijn reactievermogen. Undercover afgekeken, paar tests gehad en een heerlijke lasagne, maar nauwelijks contact met andere mensen gehad. Als dit nog twee weken zo doorgaat weet ik niet of ik het gebouw nog sociaal capabel kan verlaten.


Dag 4

's Ochtends wat tests, de rest van de dag vrij. Van de arts krijg ik te horen dat de komende dagen steeds zo zullen gaan. Óf een paar tests in de ochtend, óf de gehele dag vrij. Qua tests zit het zware gedeelte van het onderzoek erop. Ook vertelt hij dat er morgenavond een nieuwe proefpersoon aankomt voor hetzelfde onderzoek. Hij begint echter 4 dagen later. Ik zie nieuwe kansen. Ook heeft mijn zus gevraagd om 's avonds met haar vrienden een online spelletje te doen, Among Us. De hele dag kijk ik uit naar dit hoogtepunt van sociale interactie van de afgelopen dagen. Maar eenmaal begonnen met het spel merk ik dat ik niet wordt beschouwd als Stijn, als individu, maar als 'Het broertje van'. Weer een domper.


Dag 5

De hele dag bereid ik me voor op de nieuwe proefpersoon die gaat komen. ''Wat zal ik aandoen!? Zit mijn haar wel goed!?'' Ik wil een goeie indruk maken. Maar zodra hij naar zijn kamer word gebracht, verlaat hij 'm de hele avond niet meer. Dit ga je niet menen, weer een hele periode van eenzaamheid in het verschiet, want ook de relatie met Fabio lijkt te stagneren. Langzaam begin ik te twijfelen aan dit onderzoek. Is het wel een onderzoek naar een nieuw medicijn? Er zijn overigens nauwelijks tests. Is dit niet een sociaal experiment, waar gekeken word hoe mensen zich gedragen als ze 16 dagen in één ruimte moeten overleven? Ik word paranoia, dit gaat niet goed. Snel slapen en op naar een nieuwe dag.


Dag 6

Na wat tests ga ik de woonkamer in om wat te eten, het is 12 uur. Op wat assistenten na is de ruimte leeg, zoals gebruikelijk. Maar dan komt de nieuwe proefpersoon zijn kamer uit. Ziet er uit als een chille gozer. Ik wacht even totdat hij naar de keuken gaat om zijn lunch te pakken. Ja, daar is het moment. Nu of nooit. Terwijl hij in de koelkast aan het graaien is kom ik aan met mijn bord, om vervolgens heel spontaan het gesprek aan te gaan. ''Yo kerel, gisteren aangekomen?'' Hij reageert enthousiast. Vervolgens hebben we een uur lang geluncht en allerlei zaken besproken. Hij heet Teun. Ik vertel hem dat ik de Giro aan het volgen ben om de dagen door te komen. ''Giro?'' zegt ie. Oh jee, deze jongen weet niet eens wat de Giro is (de grootste wielerronde na de Tour de France mensen). Een deukje in onze mogelijke vriendschap, maar alsnog zie ik potentie. Fijn dat je er bent Teun.


Dag 7

Ik lunch weer met Teun. Samen lunchen wordt onze vaste routine van de dag. Het onderzoek begint een beetje te voelen als de Alpe d'Huez. De eerste paar kilometer denk je even ''Dit gaat een eeuwigheid duren'', maar als je eenmaal in je ritme komt vliegt de tijd voorbij. 's Avonds komen er maar liefst 3 nieuwe proefpersonen aan op de afdeling voor een Parkinson onderzoek. Nieke, een meisje dat IT heeft gestudeerd in Amsterdam, zo'n opleiding met 200 mensen waarvan slechts 4 vrouwelijk. Ika, hele enthousiaste gozer en ook uit de IT wereld. Om de vijf minuten komt de zin ''Bro! You for real!?'' uit zijn mond. En de hippie broek dragende Stefan die filosofie heeft gestudeerd. We raken aan de praat onder het genot van een appelsapje, we mogen uiteraard geen alcohol, koffie of thee drinken. Dit is een mengelmoes aan mensen waar je u tegen zegt. Een chemisch prutje, dat alleen hier goed mengt. Ik begin me helemaal thuis te voelen.


Dag 8

Met Teun lunch ik en kijk ik de Giro. Met Ika en Nieke ga ik vervolgens 2 uur lang Super Smash Bros doen, terwijl ik grap op grap maak waar zelfs de assistenten ietsje verderop om moeten lachen. 's Avonds kijk ik met Stefan Liverpool - Ajax. Ik ben geliefd op de afdeling. Ik voel me een beetje als Vito Corleone, de Godfather van Zernikedreef 8 verdieping 5. Er gebeurt niks zonder mijn goedkeuring. Stefan vertelt uitgebreid over zijn liefde voor voetbal. Hij is helemaal gek van zowel Ajax als Real Madrid. Pratend over deze clubs spreekt hij over 'we'. ''Zonder Sergio Ramos maken 'we' gewoon geen kans joh!'' Ik heb nooit begrepen dat mensen spreken over 'we' als ze het over hun favoriete club hebben. Tuurlijk, er gaat geen wedstrijd aan je voorbij. Maar je hebt geen enkele bijdrage geleverd aan het succes van die clubs. Ach ja, ik ga niks zeggen tegen Stefan. Ik wil mijn positie hier niet in gevaar brengen. Geen discussies over onbenullige dingen. Dag 8. Dat betekent dat ik op de helft ben van het onderzoek.


Dag 9

Wéér een nieuwe groep op de afdeling. Twee mannen die meedoen aan een onderzoek over spierziektes. Herman, wat ouder, woont in Den Haag en is erg enthousiast en aardig. Geen kerel waar ik de hele avond mee ga chillen, maar zeker een goeie bijdrage aan ons clubje. In die andere gozer, Ronald, zit meer potentie. Ik verlaat mijn kamer om de tv aan te zetten. Feyenoord speelt vanavond. Ronald zit al te kijken. Ik ga erbij zitten en heb meteen in de gaten dat we veel dingen gemeen hebben. We zijn allebei fan van Feyenoord, hebben beiden een neus die de aandacht trekt en hebben nog nooit gepaintballt. Ik trouwens wel, maar een klein leugentje om een band te creëren schaadt niet. De hele avond praten we over Dirk Kuyt, Bryan Linssen en Bart Nieuwkoop. Later vertelt hij over een boek dat hij aan het lezen is. Het boek over Thomas Dekker, geschreven door Thijs Zonneveld. Met die opmerking zijn we beste vrienden geworden. We kijken nog wat oude fragmenten van Holland Sport, maar worden op een gegeven moment door de assistenten aangespoord om naar bed te gaan. Het is 00:30. Vooruit dan.


Dag 10

Barcelona - Real Madrid. El Clásico. Samen met Stefan zit ik voor de tv. Stefan is zo'n jongen die de hele wedstrijd niet naar het scherm kijkt, maar continu geschiedenis weetjes vertelt. Af en toe wijs ik naar het scherm en roep ''Waarom ga je nou die kant op Frenkie!?'' om Stefans aandacht te verleggen, helaas begrijpt hij de hint niet. Ach ja, zo spannend is de wedstrijd nou ook weer niet, gewoon accepteren. Na de wedstrijd ga ik weer naar mijn vaste plek in de woonkamer, dé stoel van de Godfather, waar ik alles goed in de gaten kan houden. Mensen vragen zelfs of ze bij me aan tafel mogen komen zitten. Macht voelt goed. 's Avonds komen er 3 nieuwe gasten op de afdeling. Normaal gesproken vraag je nieuwe mensen dingen als: ''Waar kom je vandaan? Hoe heet je? Wat zijn je hobby's?''

Hier loopt het anders:

''Yo gozer, Parkinson?''

''Nee man, immuunsysteem.''

''Aah, 16 dagen ofzo?''

''Ja precies, 16 dagen.''

''Respect man.''

Hoe langer ik hier zit, hoe meer status ik verwerf.


Dag 11

Zondag. Rustdag voor Christenen. Een dag van bezinning, zonder werk, sport of andere afleidingen. Geen probleem. Voor mij is elke dag een rustdag. Ik behoor tot de Christelijke elite. Weinig speciale dingen vandaag. Wat geflirt, wat gegrap en wat Giro. Wilco Kelderman heeft het niet kunnen waarmaken. Wilco bestaat nog steeds niet. 's Avonds praat ik nog wat met één van de nieuwelingen, Erwin, een nuchtere kerel bij Defensie die al sinds 2007 meedoet aan onderzoeken bij het CHDR. Een échte veteraan. Hij vertelt me over de geschiedenis van het CHDR. Ik ben geïnteresseerd in zijn taken bij Defensie. Daar vertelt hij graag over, maar met zo'n inhoudsloze zinnen als:

''Een proces kun je pas tot een goed einde brengen als alle neuzen dezelfde kant opstaan.''

''Zelfontwikkeling, vooral naast je werk, is gewoon heel erg belangrijk voor een individu!''

Duidelijke taal Erwin. Maakt me trouwens niet uit, ik vind het wel grappig en blijf doorvragen over Erwins leven. Ik luister en neem alles in me op. Ik ben weer een stukje wijzer.


Dag 12

En daar is mijn vriend weer, de arts van het onderzoek. ''Fijn weekend gehad?'' Fijn weekend!? Ik zit al 12 dagen vast op verdieping 5, mag niet eens naar buiten en dan vraag je hoe mijn weekend was!? Terwijl ik aan mijn vijfde pakje appelsap zit, heb jij intussen oneindig veel speciaal bier kunnen wegtikken. Terwijl mijn spieren aan het afsterven zijn wegens minieme activiteit, kun jij lekker uren door het bos rennen met je 'favo' podcast. Terwijl ik maar niet in slaap kan vallen, lig jij lekker te neuken met je vriendin, zo vaak als je wil. En dan vraag je hoe mijn weekend was!? Hoe durf je die vraag te stellen!? Maar hoe dan!?

''Ja prima hoor, even tot rust kunnen komen.'', antwoord ik.

''Aah helemaal prima!'', antwoordt hij en loopt verder.

Sarcasme kennen ze blijkbaar niet in de Randstad.


Dag 13

Sociaal gezien is er op dit moment genoeg te doen op de afdeling. Lichamelijk begin ik af te zien. 's Avonds kan ik de slaap niet vatten. Ik voel me té fit, mijn spieren schreeuwen om melkzuur, mijn longen snakken naar ademtekort. Maar ik mag niet, geen intensieve activiteit tijdens het onderzoek. Yoga mag blijkbaar wel. Ja...... Yoga.......


Dag 14

Opnieuw 3 nieuwe gasten op de afdeling. Ze blijven net als mij tot vrijdagochtend. De laatste loodjes. Nieuwelingen Max en Menno mag ik graag. Max is zo'n groene rakker met een vlotte babbel. Hij heeft nog nét niet het gezicht van Jesse Klaver op zijn arm getatoeëerd. Menno daarentegen is een zeer nuchtere Rotterdammer. Geen gedoe, gewoon 'to the point'. En belangrijk, 'die hard' Feyenoord supporter. Hij was fysiek aanwezig bij de Trevi fontein plaspauze bij AS Roma: ''Dat heeft de media ook wel heel slecht in beeld gebracht, de lokale autoriteiten hadden niet eens dixies neergezet.'' Dan is er uiteraard geen andere optie dan de Trevi fontein. Met zijn drieën spenderen we de laatste avonden samen, voetbalwedstrijd op tv en 10 pakjes melk die we wegtikken alsof het normale pils is.


Dag 15

Nog twee dagen. Vandaag ga ik naar de badkamer om mezelf eens even goed op orde te brengen. Baard bijwerken, uni-brow weghalen, nagels knippen, wat crème op het gezicht, the usual. Ik zet mijn toilettas op het tafeltje en kijk in de spiegel. Ik schrik. Twee weken weinig uiterlijke verzorging is duidelijk te zien. 's Avonds weer voetbal, samen met Max en Menno op de bank. Achter ons zitten drie mensen aan tafel te eten. Ze hebben het over religie. Veel te zweverig voor Menno. Op een gegeven moment valt de zin: ''Ja, ik geloof eigenlijk wel in het goede, maar ook in het kwade!'' Van Menno's gezicht is af te lezen ''Wat doe ik hier....?'' Ik heb moeite om mijn lach in te houden. Al lang niet meer zo gelachen, ik mis Bob.


Dag 16

De laatste dag, morgenochtend nog wat bloed afgeven en dan mag ik weg. Dit is de eindsprint van een 5 km. De laatste meters is er altijd nog wat energie. Ik kijk terug op mijn tijd hier en de mensen die ik heb leren kennen. Twee weken die voorbij zijn gevlogen #clichéalert. Teun, mijn lunchbuddy. Fabio, mijn kamergenoot. De enige communicatie die we de afgelopen dagen nog hebben gehad was: ''Yo gozer, ik doe het licht uit hè?'' ''Ja is goed man!'' In het begin twijfelde ik aan mijn sociale capaciteiten, maar nu besef ik dat Fabio gewoon graag op zichzelf is. Stefan, die wijze filosoof en voetbalkenner. Ik heb veel van je geleerd, 'we' houden contact. Ronald, ook een sportliefhebber. Jij liet me zien dat er altijd mensen zijn met een nóg grotere neus. Erwin, de man van Defensie, jij zou een kogel voor ons vangen, en, nadat ik je heb leren kennen, ik ook voor jou. 's Avonds erger ik me nog eventjes dood aan het spel van Feyenoord met Max en Menno. We wisselen nummers uit en wensen elkaar een goede nacht.


Dag 17

De laatste rode bloedcellen stromen in het buisje en dan zit het erop. ''Je mag naar huis toe!'' Naar dit moment leef je twee weken toe. Mijn tas is al gepakt, nog even wat eten met Teun. Ik probeer hem mentaal op te peppen voor zijn laatste dagen, hij heeft het zwaar. Ik zeg gedag tegen mijn vrienden en de assistenten en loop het gebouw uit. Vrijheid. Voor mensen om me heen lijkt het misschien alsof ik een lijn coke uit de lucht probeer te snuiven. Nee hoor, ik ben gewoon aan het kicken op frisse lucht, good 'ol O2. Het is druk op straat. Ik ben weer een onbenullig schakeltje in een groter geheel. Niemand kent me, hier stel ik niks voor. Ik voel me als Brooks Hatlen van Shawshank Redemption. Daarbinnen stelde ik wat voor, had ik status. Hierbuiten ben ik niks. Ik kijk nog even om naar het flatgebouw op Zernikedreef 8 en denk ''Zo slecht was het daar niet.''