• Stijn Engelen

Het mannelijke aanhangsel

Elke man met een relatie moet er om de zoveel tijd aan geloven, dat woord waar kerels spontaan een burn-out van krijgen. ‘Shoppen’. Vandaag ben ik weer aan de beurt. Mijn vriendin (ik zal haar C. noemen) neemt me mee naar Lush, "een winkel met verse, handgemaakte, vega(n) cosmetica die niet op dieren is getest". Ik heb me nog nooit zó ‘niet thuis’ gevoeld in een winkel. Vanuit een luie stoel sla ik het gehele Lush-tafereel gade, terwijl C. een keuze probeert te maken tussen de ‘Pink Peppermint bathbomb’ en ‘Mystic River shampoo bar’.


Een geurengolf van kokos, honing en lavendel. Drie vrouwen in lange bloemetjesjurken. Een chihuahua op een fluwelen kussen. Potten met haver, zilvervliesrijst en zeezout tussen alle cosmetica. Gladde inspirerende quotes als ‘’Every teardrop is a waterfall’’. Dit is zeer zeker niet mijn scene. Wat doe ik hier dan? Wat hoop ik te bereiken? Relatie-karmapunten scoren? Een massage vanavond? Wellicht seks? Of misschien wil ik me minder schuldig voelen als ik straks twee uur ga gamen waar C. bij is? Op dit moment lijkt ze trouwens voor de ‘Mystic River shampoo bar’ te gaan.


Dan komt er een nieuw stel binnen. Ik wil de mannelijke helft van die relatie wenken om hier te komen zitten: ‘’Hey, hier is nog een plek vrij!’’ Maar tot mijn verbazing gaat deze gozer actief meeshoppen met zijn vriendin: ‘’Ooohh ik vind die ‘Peach Crumble bubble bar’ echt wat voor jou Emma!’’ Zo’n kerel die de lat véél te hoog legt voor andere mannen. Ondertussen hoor ik alle vrouwen in de winkel, inclusief mijn eigen vriendin, denken: ‘’Ja, zo kan het ook hè!’’ Zit ik dan, vol ongemak in mijn luie stoel.


Gelukkig heeft C. eindelijk de knoop doorgehakt (voor de geïnteresseerden: het is toch de ‘Pink Peppermint bathbomb’ geworden). Samen lopen we de Lush uit om weer huiswaarts te keren. Maar dan gebeurt er iets geks. Uit een soort ‘relatie-automatisme’ zeg ik tegen C.: ‘’Ik vond het echt gezellig, dit moeten we vaker doen!’’ De woorden zijn eruit voordat ik er erg in heb. Terwijl C. allerlei winkels opnoemt waar we de volgende keer heen kunnen gaan, probeer ik alvast smoesjes te bedenken om me uit een toekomstige shopsessie te lullen. Ach ja, C. blij, ik blij. De relatie zit goed.