• Stijn Engelen

De Zusters onder de Bogen

Vandaag is het tijd om een nieuwe wereld te ontdekken. Ik heb een afspraak bij het klooster van de ‘Zusters onder de Bogen’, het moederhuis van de congregatie van de Liefdezusters van de Heilige Carolus Borromeus. De zus van mijn oma, Zr. Redemptrix, maakte deel uit van deze congregatie. Ze heeft met haar connecties de weg gebaand voor deze rondleiding, soort ‘netwerken’ avant la lettre. Het beeld wat ik op dit moment heb van nonnen? Stugge, strenge vrouwen, met wie geen discussie mogelijk is over het woord van God. Een golflengte die haast onmogelijk is om te bereiken als jonge atheïst. Maar dat is mijn vooroordeel. Het is nu tijd om de waarheid te ondervinden.


Achter de grote Sint Servaas basiliek bel ik aan bij een eeuwenoud pand. De receptiemedewerkster begeleidt me naar de wachtruimte, met op tafel meerdere exemplaren van het welbekende tijdschrift Klooster!. Directer dan dit kun je je doelgroep niet benaderen. Dan stapt ze binnen, de zuster (Zr. Wulfram) die mij vandaag gaat rondleiden in het moederhuis van de Zusters onder de Bogen. Een kwieke, energieke vrouw met een flitsende rode bodywarmer. Voordat de rondleiding begint gaan Zr. Wulfram en ik eerst nog even chillen. Een uur lang kletsen onder het genot van koffie en gigantische Luikse wafels. Kletsen over onderwerpen als het christendom, de zin van het leven en God, had ik me voorgenomen. De realiteit blijkt anders.


We praten over buikdansen, talkshows en Zr. Wulframs verleden als yogadocente. ‘’Op1 is zo vervelend, met al die verschillende presentatoren. Die Paul Witteman, dat waren de dagen.’’ Ik vermoed dat Paul Witteman een beetje de George Clooney onder de nonnen is. Toch durf ik niet de vraag te stellen: ‘’Heeft u een poster van de heer Witteman boven uw bed hangen?’’ Zr. Wulfram heeft jaren lesgegeven in Enschede als yogadocente. Opeens stapt ze uit haar zetel en vertelt vol enthousiasme over reiki. Iets met kosmische energie en open fontanellen. Het is het enthousiasme dat me boeit. Deze monoloog eindigt dan ook nog eens met de realistische uitspraak: ‘’Maar alternatieve geneeswijzen zijn geen vervanging voor de arts.’’ Mijn beeld van de stugge, strenge non is na een kort gesprek al compleet ingestort.

De rondleiding begint. Eerst de binnentuin, waar nog een deel van de eerste stadsmuur van Maastricht staat. We lopen naar een kas vol met cactussen, een uit de hand gelopen hobby van een van de zusters, met een kleine chill area, een paar campingstoelen met een simpel tafeltje met daarop een doosje met van die ouderwetse oma-snoepjes. Meer heb je natuurlijk niet nodig.

Twee kleine Indonesische zusters sjouwen met wat houten palen en een kruiwagen. Mijn jonge mannelijke instinct schreeuwt dat ik ze te hulp moet schieten, maar dan realiseer ik me weer. Hen kan niks gebeuren, niet zolang God daarboven rondhangt. Zr. Wulfram bemoeit zich met de wijze van transporteren. Ik proef een lichte spanning tussen de zusters, zoals ze bestaan in letterlijk elke vrouwenkliek. Het klooster heeft eigenlijk iets weg van een vrouwendispuut, maar dan met een serieus religieus randje. Zouden ze ook wel eens borrelen met herenkloosters? Eén van de twee zusters stelt Zr. Wulfram gerust dat het wel goed komt. Ze neuriet het deuntje van Indiana Jones en het duo vertrekt met de kruiwagen. Ik gok dat zij een poster van Harrison Ford heeft. De rondleiding continues.


Op een parkeerplaats in de verte zie ik twee nonnen uit een knal witte Renault Clio stappen, tasje in de linkerhand, autosleutels in de rechterhand. Een modern en aandoenlijk beeld, waarbij ik meer context probeer te zoeken. Zijn ze even gaan tanken? Komen ze terug van de jaarlijkse APK keuring? Of had Zr. Bernadette gewoon even zin om te cruisen?


Dan is het tijd om naar binnen te gaan, Zr. Wulfram leidt me naar een prachtige kapel waar de zusters elke dag samenkomen. Op dit moment voel ik dat het ijs is gebroken en er een band is ontstaan. Ik stel de directe vraag die er ooit aan zat te komen: ‘’Waarom bent u eigenlijk bij het klooster gegaan?’’ Zr. Wulfram stelt een directe wedervraag: ‘’Heb je een vriendin?’’ Ik ben eventjes van mijn apropos, aangezien daar vaak ‘’heb je een keer zin om wat te drinken’’ op volgt. Maar dan besef ik weer dat er een gelovige non voor me staat, hier in het Huis van God. ‘’Ja’’, antwoord ik snel. Dan legt ze uit: ‘’Ik heb er nooit bewust voor gekozen om bij het klooster te gaan. Tussen jou en je vriendin is een aantrekkingskracht die jullie naar elkaar toe trekt, waardoor je niet bij elkaar weg kan blijven. Diezelfde aantrekkingskracht bleek te bestaan tussen mij en het klooster.’’ Opeens heeft het kloosterleven, vroom en kuis, iets romantisch. Een prachtige gedachte waar ik mijn vriendin over zou willen vertellen. Maar ik zie problemen bij de opening: ‘’Hey schat, jij en het klooster zijn in essentie hetzelfde!’’ Toch maar niet doen. Dat kan alleen Zr. Wulfram uitleggen.

Onze rondleiding vervolgt zich op de bovenste verdieping van dit christelijke bolwerk. Op een gegeven moment lopen we een gymzaal binnen, met yogamatjes, een hometrainer en een loopband. Er heerst eigenlijk geen verbazing meer, ik had niet anders verwacht van deze moderne nonnen. Het valt me zelfs tegen dat er geen stellage staat om te Deadliften.


Vrijwel elke ruimte waar we binnenstappen opent Zr. Wulfram met de zin: ‘’Deze ruimte wordt eigenlijk niet vaak meer gebruikt.’’ Ik heb allerlei prachtige ruimtes mogen aanschouwen, waaronder het kamertje waar de grondlegster van de Zusters onder de Bogen woonde. En dan, last but not least, de kamer van Zr. Wulfram.Zo’n typisch oma-kamertje. Simpel, ouderwets, maar vooral knus. En trotse verwijzingen naar haar Friese roots. Jammer genoeg zit mijn rondleiding erop, mijn wandeltocht door een van de oudste stukjes Maastricht. We lopen terug naar de ingang en Zr. Wulfram nodigt me uit om nog eens terug te komen: ‘’En dan een hele dag, want er valt nog zoveel te vertellen. Dan kun je een heel paper over ons schrijven.’’ We nemen afscheid, en met een lenig hupje spring ik uit de oude deuropening op de kinderkopjes achter de Sint Servaas basiliek.


Als ik terugkijk op mijn dag bij de zusters moet ik mijn vooroordeel serieus aanpassen. Behulpzaam en gastvrij. Ouderwets en toch modern. Christelijk, maar ook ruimdenkend. En vooral de wil om goed te doen voor anderen. Op dit moment worden er in een deel van het kloostercomplex slachtoffers opgevangen van de Maas overstromingen van afgelopen jaar. Het kloostergebouw zal zijn nieuwe doel wel vinden, en hopelijk de nonnen ook. Toch vrees ik voor hun voortbestaan. Een uitstervend ras in het groeiend atheïstische Nederland, waar het verre van vanzelfsprekend is om bij het klooster te gaan. Misschien ga ik ze in de toekomst nog eens opzoeken, een wederdienst bieden. Of misschien zelfs een cursusje reiki. Ik hoor mijn mannelijke leeftijdsgenoten al lullen: ‘’Gozer, serieus? Die onzin daar geloof jij toch niet in?’’ Nee, dat klopt. Maar voor Zr. Wulfram maak ik graag een uitzondering.